“Natuurlijk heb ik wel eens op het punt gestaan om de hoop op te geven”

Al meer dan 40 jaar woont en werkt missionaris Alfons van Zijl in de Filipijnen. En al meer dan 50 jaar komt hij op voor de rechten van de arbeiders en onderdrukte medemensen. Dat is een kwestie van lange adem, maar juist de inzet van deze mensen zelf geeft hem hoop op een rechtvaardiger wereld.

Foto: Henk Braam

Lasser
Leven met en voor de armen is een belangrijke leidraad in het leven van Alfons. ”Na mijn studie heb ik me eind jaren 70 aangesloten bij de Calamagroep. De leden, die bestonden uit priesters, zusters en leken, werkten in fabrieken om van daaruit deze arbeiders te versterken. Zelf heb ik als lasser op een scheepswerf in Rotterdam gewerkt. Een beroep wat ik ook na mijn aankomst in de Filipijnen heb uitgeoefend.  In die tijd werd mijn hoop en de hoop van veel Filipijnen gevoed door de vreedzame revolutie de autoritaire president Marcos ten val bracht.“

Vallen en opstaan
De val van Marcus gaf veel hoop, maar toch bleef er genoeg werk over. “In 1987 ben ik betrokken geraakt bij het mensenrechten- en vormingswerk in de provincie Aurrora. Nog steeds zet ik me hiervoor in, omdat ik nog steeds geloof in een gelijkwaardige maatschappij waar de macht bij de bevolking ligt. De weg daarnaartoe is er een van vallen en opstaan. Natuurlijk heb ik wel eens op het punt gestaan om de hoop op te geven. Maar de strijdende boeren, vrouwen, jongeren, visser en inheemse bevolking geven nooit op. Dat is voor mij de inspiratie om hen te blijven ondersteunen. Zij zijn de ware pelgrims van hoop die blijven strijden voor een humane samenleving.”

Deel dit artikel!